13
Dans van de moleculen
De indrukwekkende kleurenpracht van de Feengrotten is te danken aan de opgeloste mineralen in de meest uiteenlopende samenstellingen. Het water dat van het plafond druppelt, bevat talrijke chemische elementen en moleculen die zich tot vaste mineralen kunnen verbinden.
Aan deze moleculentafel kun je je eigen mineraal samenstellen – net als bij een puzzel. Pak een onderdeel uit de waterwolk; de bijbehorende elementen en moleculen volgen automatisch. Zodra alle onderdelen goed in elkaar zijn gezet, verschijnen er meer informatie en afbeeldingen over het ontstane mineraal.
Veel plezier bij het ontdekken en samenstellen van de mineralen!
Meer informatie
Meer weten:
“Een mijnwerker zonder licht is een armzalig figuur.”
Zo luidt een oud Duits spreekwoord. Het vat perfect samen dat mijnbouw zonder verlichting simpelweg onmogelijk zou zijn. Sinds het begin van de mijnbouw hebben technische ontwikkelingen gedurende vele eeuwen de manier waarop licht ondergronds werd geproduceerd en gebruikt, voortdurend verbeterd.
De eerste kunstmatige lichtbron in de steen- en bronstijd was de dennenfakkel – een harsrijk stuk hout dat fel brandde. In de oudheid werden olielampen van klei gemaakt, die meestal werden gevuld met dierlijk vet, voornamelijk rundertalg.
In de middeleeuwen ontstonden lampen zoals die ook in de mijn Jeremias Glück werden gebruikt. Deze open of gesloten mijnlampen waren gemaakt van klei, messing of ijzer. Als brandstof diende talg of olie, gewonnen uit de zaden van raapzaad – een plant verwant aan koolzaad.
De mijnlampen waren voorzien van een stevige haak. Hiermee konden de mijnwerkers hun lamp aan de mijnbouwconstructie of aan hun kleding bevestigen. Zo bleven beide handen vrij om veilig in de tunnels en schachten te kunnen werken.